Nina-Maria is twee. En dat zullen we weten ook. Tis niet eens zozeer dat zij nu in een nee-fase zit. Nee joh, de nee-fase is iets beneden haar stand. Je moet weten: Nina-Maria is een heel belangrijk persoon sinds een tijdje. Een soort van VIP. Zo ziet zij dat zelf. Zij is zelf van mening dat ze een heel bijzonder meisje is (dat er misschien uitziet als een gewone peuter en het bolle buikje heeft van een gewone peuter en ook wel eens krijsend op de grond ligt als een gewone peuter) maar dat ze ondertussen eigenlijk een heel evenwichtige en zelfstandige jonge vrouw is.
Je merkt het ‘t best als we samen gaan shoppen. De kinderwagen hoeft niet meer mee. Sorry hoor, maar zie jij ooit een BN’er per kinderwagen vervoerd worden?
Don’t think so. Nina-Maria loopt rustig en zelfverzekerd een paar meter voor mij uit door de winkelstraten. Ze kijkt bijzonder vastberaden en haar neus is in de lucht. Ze negeert alle starende blikken en het gewijs van de mensen om haar heen. Dat soort gedrag is ze gewend, als peuter-BN’er zijnde. Een leuke glimlach hier, spontaan blikje daar en nog een wuifje om het publiek te vriend te houden, en door gaat ze weer. Shoppen is serious bizniz.
Zonder te twijfelen stapt zij de SPS in. Superstar. Kijk, now we’re talking. Ze keurt vluchtig en ervaren de rekken waarin de kleding hangt die haar het mooist afkleedt of die het best aansluit bij de tinten van haar huid of weet ik veel wat ze allemaal denkt. Als verkoopsters om haar lachen, lacht ze vriendelijk en beleefd terug, maar daarna gaat ze weer serieus aan het werk. Weet je, het is als vrouw gewoon onwijs belangrijk om er goed verzorgd uit te zien en de accenten op je goede punten te laten vallen. Dat weet Nina-Maria als geen ander en daarom neemt ze dit allemaal heel serieus.
Als ze iets heeft gevonden dan stapt zij daarmee in een rechte lijn naar een ruim pashokje. Ze doet het gordijn dicht en gaat aan haar knoopjes plukken. Als ik per ongeluk de grote-grote fout maak om mijn hoofd om het hoekje te steken en aan haar te vragen hoe het gaat, dan kijkt ze me bestraffend, doch geduldig aan. “Nee, mama! Jeg!!” Taptap, met haar voetje.
Oke. Ahem. Ik moet dus jeg. Hoe durfde ik ook te denken dat ze hulp nodig had! Ik zal wel iets gedacht hebben in de trant van: ze is net twee, wat DOET ze daar? Domdomdom!
Na een tijdje vraag ik -heus echt heel vrijblijvend- ‘Ben je klaar?’ En geloof het of niet, Nina-Maria heeft nog niet eens zo’n hele uitgebreide woordenschat, maar op zo’n moment roept ze dus behoorlijk hard vanuit haar pashok:“Ik dachut NIE!”
En daar sta je dan dus he. De oekelige moeder uit te hangen. Verkoopsters kijken je meewarig aan. Krap vierentwintig jaar en nu al in die fase aangeland. Triest! Sneu!
Precies twee jaar geleden was ik nog hip… Dat mag wel even vermeld worden, trouwens. Hip and happening. Echt hoor. Was ik zelf uuuuuren aan het shoppen. Nu ben ik de moeder (spreek vies uit) die met volle tassen buiten een hokje staat te wachten tot NM klaar is met draaikonten voor de spiegel (met luier en al). Ik sta er gewoon bijna nog erger bij dan een vader!! (spreek nog viezer uit).
Als ze naar buiten komt, sleept de legging (maat 42) in een lange sliert en stofopvegend en wel achter haar aan. Mevrouw loopt naar het plankje waar zij denkt dat de legging veeeel beter kan liggen vanaf nu, frot hem daar op tot een soort kreukelige binnenstebuiten knoedel (=opvouwen in haar beleving) en legt hem met veel zorg op een stapel strak gevouwen broeken.
“Niette kope.”
En samen (zij eerst natuurlijk) benen wij de winkel weer uit.
Ik heb me iets voorgenomen.
Ik ben een consequente moeder –dat gaat allemaal heel prima- en mijn speerpunt voor de komende peuterpuberteit wordt lekker: NIET toegeven als ze een eigen creditcard wil. Ha! Chew on that, kleine ukkesnoedel!
vorig bericht | volgend bericht ![]() |
vorig bericht